Blessure aan de tussenpees bij het paard: genezingskansen & voeding
Waarom we dit onderwerp zo belangrijk vinden: uit de praktijk, voor de praktijk
Achter nuvallo zitten Katja en Andrés. Met meer dan 20 jaar praktijkervaring in de paardensport weten we maar al te goed dat de diagnose van een tussenpeesblessure de dagelijkse routine op stal compleet op z'n kop zet. Juist in de lange revalidatiefase is het juiste management doorslaggevend voor de kwaliteit van de herstellende vezels. Daarom geven we je hier wetenschappelijk onderbouwde en praktijkgerichte antwoorden over gerichte voeding op jullie weg terug naar het zadel.
Basiskennis: wat je over dit onderwerp moet weten
Om te begrijpen waarom voeding bij een peesblessure van het paard tijdens boxrust zo essentieel is, moeten we kort kijken naar wat de tussenpees eigenlijk doet. De tussenpees (M. interosseus medius) is geen gewone spier, maar een peesachtige structuur die langs de achterkant van het pijpbeen loopt en het kogelgewricht als een sterke, elastische hangmat ondersteunt.
Zijn belangrijkste taak is het doortreden van het kogelgewricht onder belasting te voorkomen. Stel je voor dat je paard galoppeert of landt na een sprong: in die fractie van een seconde vangt de tussenpees krachten op die het lichaamsgewicht van het paard vele malen overtreffen. Een blessure aan de tussenpees ontstaat meestal niet door een acute trap, maar is vaak het resultaat van sluipende microbeschadigingen die zich in de loop van de tijd opstapelen – door overbelasting, diepe rijbodems, een verkeerde stand of vermoeidheid van het weefsel.
Als er dan een scheur of verrekking ontstaat, staan veel eigenaren voor ongeruste vragen. De prognose bij een tussenpeesblessure is heel individueel en hangt af van de vraag of de oorsprong (boven bij het gewricht), het peeslichaam (in het midden) of de takken (onderaan) zijn geraakt. Ook of en wanneer een paard na een tussenpeesblessure weer rijdbaar is, hangt sterk af van de kwaliteit van het nieuw gevormde littekenweefsel.
En hier is de crux van het verhaal: pees- en bandweefsel is van nature extreem slecht doorbloed. Als een spier beschadigd is, spoelt het lichaam via de sterke bloedsomloop snel voedingsstoffen aan. Bij een pees werkt deze bezorgservice in een slakkentempo. Dit betekent dat het herstelproces langdurig is. Als het lichaam in deze gevoelige fase de nodige micronutriënten en eiwitbouwstenen mist, vormt het minderwaardig, inelastisch littekenweefsel dat bij de volgende belasting snel weer kan scheuren. Het normale onderhoudsrantsoen van hooi en een beetje mineraalvoer dekt wel de dagelijkse basisbehoefte, maar is vaak niet genoeg om de plotseling enorm verhoogde behoefte aan structuurbouwstenen voor celvernieuwing te vervullen.
Wat zegt de wetenschap over voeding bij een tussenpeesblessure van het paard?
De vraag of en hoe je pezen en gewrichten via de voerbak kunt repareren, houdt dierenartsen en onderzoekers al decennia bezig. Het internet staat vol met wondermiddelen, maar we willen ons hier concentreren op wat de wetenschap daadwerkelijk kan bewijzen – en waar de grenzen liggen.
a) Wat in studies is aangetoond
Als onderzoekers aan diergeneeskundige faculteiten weefselmonsters van paarden onderzoeken, spreekt men van zogenaamde in-vitro-studies (in het reageerbuisje of in een petrischaaltje). Hier is de celbiologie absoluut fascinerend en duidelijk. Er is herhaaldelijk aangetoond dat fibroblasten (de cellen die verantwoordelijk zijn voor de productie van bindweefsel) significant actiever worden wanneer ze met bepaalde bouwstenen worden gevoerd.
Als je aminozuren uit collageen, hyaluronzuur of organische zwavel (MSM) direct aan deze peescellen toevoegt, beginnen ze meetbaar nieuwe bindweefselmatrix en collageenvezels te produceren. Ook glucosamine toont in het lab sterke ontstekingsmodulerende en structuuropbouwende eigenschappen. Maar hier moeten we absoluut eerlijk zijn: een indrukwekkend labresultaat betekent niet dat 100 procent van het poeder dat je in de voerbak gooit, ook exact zo in de tussenpees aankomt. Het spijsverteringskanaal van een paard is een complex systeem dat veel stoffen filtert, afbreekt of deels ongebruikt uitscheidt.
b) Wat bij het levende paard is onderzocht
Spannender en voor ons relevanter zijn daarom in-vivo-studies, oftewel onderzoek bij het levende paard. De Texas A&M University deed bijvoorbeeld onderzoek waarbij jonge paarden maandenlang specifieke kraakbeen- en peesbouwstenen kregen bijgevoerd. De onderzoekers zagen daarbij een meetbare stijging van biomarkers in het bloed, die wezen op actieve weefselopbouw en kraakbeenstofwisseling.
Ook bij mensen (waar studies vaak veel groter en veelzeggender zijn, met honderden proefpersonen over 12 tot 24 weken) blijkt dat de orale inname van bepaalde collageenpeptiden de belastbaarheid van pezen aantoonbaar verbetert en het herstel van microtrauma's ondersteunt. De humane sportgeneeskunde maakt al lang gebruik van deze inzichten.
We moeten echter transparant blijven: het bewijs in studies specifiek bij paarden heeft vaak methodologische beperkingen. Vaak gaat het maar om kleine steekproeven van misschien 10 tot 15 dieren, of er ontbreekt een goede controlegroep. Bovendien wordt er in studies vaak met zeer zuivere, geïsoleerde werkzame stoffen onder ideale omstandigheden gewerkt, wat niet altijd overeenkomt met de standaardpreparaten op de vrije markt.
c) Een eerlijke conclusie
Samenvattend kunnen we zeggen: de biologische basis voor het voeren van gewrichts- en peesbouwstenen is wetenschappelijk absoluut solide. Geen enkel voedingssupplement ter wereld geneest een tussenpeesblessure van de ene op de andere dag, vervangt de dierenarts of verkort op wonderbaarlijke wijze de benodigde maanden van box- en paddockrust. Wie zoiets belooft, is simpelweg niet serieus te nemen.
Toch wijst onderzoek er sterk op dat deze voedingsstoffen een extreem nuttige bouwsteen vormen. Ze ondersteunen het organisme door het precies dat bouwmateriaal te leveren dat het dringend nodig heeft voor de reparatie van de tussenpees. Dit is vooral waardevol als je niet slechts één enkele werkzame stof voert, maar het weefsel in zijn geheel voorziet van een doordachte combinatie.
Dosering en praktijk: boxrust en stofwisseling
Als de dierenarts voorschrijft dat het paard op rust moet, begint voor de eigenaar de voerpuzzel. Boxrust bij een paard met een peesblessure vraagt om een directe aanpassing van het rantsoen. Het paard beweegt amper nog, waardoor de energiebehoefte dramatisch daalt. Als je het krachtvoer gewoon blijft voeren, riskeer je niet alleen een explosief paard dat in de box rondspringt en de net genezende tussenpees opnieuw beschadigt, maar in het ergste geval ook stofwisselingsproblemen zoals hoefbevangenheid of EMS.
Tegelijkertijd draait de celstofwisseling bij de beschadigde pees echter op volle toeren. De uitdaging is dus om het voeren bij een peesblessure tijdens de boxrust zo in te richten, dat er weinig energie, maar wel een zeer hoge dichtheid aan micronutriënten wordt aangeboden.
Laten we de doseringen die zich in de literatuur en praktijk hebben bewezen eens nader bekijken. Voor een groot paard van ongeveer 500 kilogram blijken bij hoogwaardige combinatiepreparaten dagelijkse hoeveelheden van ongeveer 1.500 mg glucosamine, 2.000 tot 2.500 mg collageen en zo'n 2.000 mg MSM effectief. Als je pure monopreparaten voert (dus bijvoorbeeld alleen puur MSM-poeder koopt), worden er vaak aanzienlijk hogere doseringen van 10 tot 15 gram aanbevolen, omdat het synergetische effect van andere werkzame stoffen ontbreekt.
In de praktijk is gebleken dat het goed werkt om in de acute fase van een blessure (de eerste twee tot drie weken na het trauma) te starten met een beginkuur in een dubbele dosering. Dit helpt het lichaam om de reserves na de schok en tijdens de hoogste ontstekingsfase snel aan te vullen. Daarna kun je met een gerust hart overstappen op een normale onderhoudsdosering die de voortdurende wederopbouw van de peesvezels begeleidt.
Op dit punt moeten we met een kritische blik naar de supplementenmarkt kijken. Veel eigenaren kopen te goeder trouw dure gewrichtspoeders, zonder te weten of er überhaupt relevante hoeveelheden van de dure ingrediënten in zitten. De Europese verordening voor diervoeders (EU-verordening 767/2009) staat fabrikanten namelijk toe om de exacte hoeveelheden werkzame stoffen per kilogram niet te vermelden, zolang ze geen specifieke gezondheidsclaims maken. Vaak zitten de waardevolle ingrediënten dan helemaal achteraan de ingrediëntenlijst verstopt, achter grote hoeveelheden vulstoffen of suiker. Als verantwoordelijke paardeneigenaar heb je echter altijd het recht om te weten hoeveel milligram van een werkzame stof je paard dagelijks binnenkrijgt.
Nog een extreem belangrijke praktijktip: heb geduld! Pezen groeien en herstellen, zoals eerder uitgelegd, extreem langzaam. Het bijvoeren voor slechts 14 dagen levert bij een tussenpeesblessure bitter weinig op. Consistent voeren gedurende minimaal 8 tot 12 weken is absoluut noodzakelijk om het weefsel de tijd te geven om de toegevoegde voedingsstoffen daadwerkelijk om te zetten in stabiele vezels.
Waarom afzonderlijke werkzame stoffen alleen vaak niet genoeg zijn: de kracht van de combinatie
Als je aan het begin van zo'n lange revalidatiefase staat, bestudeer je vaak talloze etiketten. Koop je nu glucosamine? Of liever pure MSM? En hoe zit het met collageen? De wetenschap geeft hier een steeds duidelijker antwoord op: de kracht zit hem in synergie. Een afzonderlijke bouwsteen kan maar in beperkte mate helpen als het lichaam tegelijkertijd andere essentiële instrumenten mist om de reparatie te voltooien. De verschillende voedingsstoffen werken namelijk in op totaal verschillende punten van de pees- en gewrichtsstructuur.
Glucosamine is een elementaire bouwsteen voor de opbouw van kraakbeen en de stevigheid van het weefsel. Het ondersteunt de natuurlijke schokdempende functie, die het gewricht en de omliggende tussenpees ontlast. Collageen daarentegen is het primaire structuureiwit in het lichaam. Het vormt het stevige, maar toch elastische skelet van de pezen. MSM, oftewel organische zwavel, is weer absoluut noodzakelijk om het collageen überhaupt tot stevige, scheurbestendige strengen te kunnen verbinden. Zonder voldoende zwavel in het weefsel blijft het nieuw gevormde collageen zacht en instabiel. Hyaluronzuur tot slot fungeert als smeermiddel, als hoofdbestanddeel van de gewrichtsvloeistof (synovia) en houdt de weefsellagen soepel en glijdend.
Een zeer bekende crossover-studie van de Britse Animal Health Trust onderbouwt deze synergie-effecten op indrukwekkende wijze. De onderzoekers wisten aan te tonen dat een goed afgestemd combinatiepreparaat van gewrichts- en peesingrediënten bij het levende paard aanzienlijk positievere en vooral constantere effecten op de gang en de soepelheid van bewegingen had dan geïsoleerde, afzonderlijke werkzame stoffen.
Voor de dagelijkse praktijk betekent dit: een intelligent geformuleerd combinatieproduct heeft geen extreem overdreven doseringen van afzonderlijke stoffen nodig, omdat de stoffen als goed geoliede tandwielen in elkaar grijpen. Precies dit wetenschappelijke inzicht hebben we bij nuvallo als basis gebruikt. In onze aanbevolen dagelijkse dosering (6 nuvallo move Snacks) voor een paard van 500 kg combineren we exact 2.550 mg collageen, 2.250 mg MSM, 1.500 mg glucosamine en 150 mg hyaluronzuur. Deze hoeveelheden zijn zo op elkaar afgestemd dat ze de stofwisseling optimaal ondersteunen, zonder het organisme te belasten met zware overdoseringen van afzonderlijke mineralen.
De grootste uitdaging in de praktijk: het voeren
Hier komen we bij het emotionele hart van het hele onderwerp. Want al die mooie labwaarden, de beste studies ter wereld en de meest exacte doseringsadviezen hebben voor jou en je paard helemaal geen zin als het product uiteindelijk onaangeroerd in de voerbak blijft liggen. En we weten dat dit precies de realiteit is in duizenden stallen.
a) Het probleem met voeren in kaart gebracht
Je staat 's avonds na je werk op stal. Je paard heeft boxrust, is toch al ontevreden en je wilt hem iets goeds doen met het peperdure supplement. Je mengt het fijne poeder door het kleine handje krachtvoer dat hij nog mag hebben. Je paard snuffelt, trekt zijn neusgaten op en draait zijn hoofd vol afschuw weg.
De problemen met conventionele gewrichtspoeders zijn hardnekkig. Ze stuiven onaangenaam in de gevoelige paardenneuzen en veranderen de vertrouwde textuur van het voer compleet. Bovendien hebben veel zeer effectieve ingrediënten, in het bijzonder MSM, een extreem bittere en sterke eigen smaak. Paarden, met hun fijne zintuigen, ruiken en proeven dat onmiddellijk.
Natuurlijk kennen we allemaal de gebruikelijke trucjes uit wanhoop. Je probeert het poeder langzaam en in minuscule beetjes te voeren. Je roert het met veel moeite door warme slobber, of probeert het te verstoppen in een uitgeholde banaan of in stukjes appel. Je maakt het voer nat, in de hoop dat het poeder aan de haverkorrel blijft plakken. Maar vaak is het resultaat teleurstellend. Het paard sorteert trefzeker en eet zorgvuldig om het poeder heen. Als je dan de natte, vies ruikende poederresten op de bodem van de bak ziet plakken, is de frustratie grenzeloos. In dat soort momenten zonk de moed ons in de schoenen, omdat we ons onvermijdelijk afvroegen: hoeveel van de werkzame stof is er vandaag daadwerkelijk in het paard beland en hoeveel gooien we zo in de prullenbak?
b) Waarom we het poeder hebben afgeschaft
Precies vanuit deze diepe frustratie is nuvallo ontstaan. Toen we met onze eigen paarden en in contact met honderden wanhopige paardeneigenaren steeds weer tegen hetzelfde probleem aanliepen, hebben we onze aanpak radicaal omgegooid. We vroegen ons niet af: „Hoe kunnen we een poeder maken dat iets beter smaakt?“ Onze beslissende hamvraag was: „Hoe zorgen we er voor honderd procent voor dat elk paard elke dag betrouwbaar en vooral stressvrij de volledige, exacte dosis binnenkrijgt?“
Het antwoord daarop zijn onze nuvallo move Snacks. We hebben een functionele snack voor de gewrichten ontwikkeld, die je als een beloning direct uit de hand geeft. Geen vervelend afwegen meer, geen stuivende maatlepeltjes, niet meer natmaken en geen restjes in de bak. Elke individuele snack bevat een nauwkeurig bepaalde hoeveelheid werkzame stoffen. Dat gevreesde uitsorteren is bij dit formaat fysiek simpelweg onmogelijk.
Om de hoogste acceptatie met de best mogelijke verdraagbaarheid te garanderen, hebben we bewust afgezien van vulstoffen. In plaats daarvan hebben we een licht verteerbare, maagvriendelijke basis zonder tarwe en maïs ontwikkeld. Onze basis bestaat uit lijnzaadkoek, rijstzemelen en lijnzaad, aangevuld met natuurlijke ingrediënten zoals banaan-, appel- en carobepoeder. Dit belast de toch al vertraagde stofwisseling van een paard op boxrust niet extra en zorgt voor een smaak waar paarden dol op zijn.
Voor je paard van 500 kg geef je gewoon dagelijks 6 nuvallo move Snacks (bij pony's naar verhouding minder, bij zeer zware paarden iets meer). Heeft je paard zojuist de diagnose van een acute peesblessure gekregen, dan raden we aan om in de eerste twee tot drie weken simpelweg de dubbele hoeveelheid (dus 12 snacks) te geven om het lichaam in eerste instantie te ondersteunen. Daarna ga je weer terug naar de normale onderhoudsdosering.
De mooiste bijkomstigheid: je paard ervaart het krijgen van deze voedingsstoffen niet langer als een vies medicijn dat je hem moet opdringen, maar als een liefdevolle beloning en positieve aandacht van jou bij de staldeur. In een tijd waarin het rijden stil ligt en de relatie vaak lijdt onder de medische routine, is dat een onbetaalbaar moment. Sinds we nuvallo zo voeren, hebben we in ieder geval het gevoel dat onze paarden na de lange boxperiode weer veel soepeler en met meer plezier bewegen.
Want aan het eind van de dag is het beste en duurste supplement niet het product met de langste exotische ingrediëntenlijst of de hoogste labwaarden op papier. Het enige echte supplement is het supplement dat elke dag betrouwbaar en volledig in het paard belandt.
Veelgestelde vragen over een blessure aan de tussenpees bij het paard
Hoe lang duurt het herstel van een tussenpeesblessure?
Dat is niet in het algemeen te zeggen, want het hangt er sterk van af waar de blessure zit (oorsprong, peeslichaam of takken) en hoe ernstig deze is. Als grove richtlijn moet je bij een tussenpeesblessure realistisch in maanden denken, niet in weken – vaak spreekt men van een herstelperiode van ongeveer zes tot twaalf maanden, en bij ernstige gevallen zelfs langer. Pees- en bandweefsel is zeer slecht doorbloed en herstelt daardoor extreem langzaam. Het concrete verloop en de controlemomenten (bijv. via echografie) bepaalt altijd je dierenarts.
Kan een paard na een tussenpeesblessure weer worden gereden?
In veel gevallen wel – zeker bij een tijdige diagnose en consequent revalidatiemanagement gaan paarden weer aan het werk. Doorslaggevend is de kwaliteit van het nieuw gevormde littekenweefsel: hoe elastischer en belastbaarder het geneest, hoe beter de prognose. Of, en op welk niveau je paard weer rijdbaar wordt, hangt echter af van de specifieke situatie en moet uitsluitend worden besloten aan de hand van de veterinaire controles. Te vroeg weer beginnen is het grootste risico op een terugval.
Wat moet je voeren bij een tussenpeesblessure?
De basis blijft een passend, energiearm rantsoen tijdens de boxrust – het paard beweegt amper, heeft dus aanzienlijk minder energie nodig, maar wel een hoge dichtheid aan structuurbouwstenen. Voedingsstoffen die het bindweefsel bij de wederopbouw ondersteunen zijn zinvol, met name collageen, MSM (organische zwavel), glucosamine en hyaluronzuur. Belangrijk: deze bouwstenen leveren het lichaam reparatiemateriaal, maar ze "genezen" de tussenpees niet in hun eentje en vervangen boxrust of de dierenarts niet.
Hoe lang moet je voedingsstoffen voeren ter ondersteuning?
Minimaal acht tot twaalf weken, liever nog wat langer. Bijvoeren voor slechts een tot twee weken heeft bij een tussenpeesblessure vrijwel geen zin, omdat het weefsel tijd nodig heeft om de toegediende voedingsstoffen daadwerkelijk om te zetten in stabiele, sterke vezels. Geduld en consequentie zijn hier belangrijker dan een zo hoog mogelijke dosis.
Geneest een tussenpeesblessure vanzelf?
Een lichte, vroegtijdig ontdekte beschadiging kan genezen met consequente rust – maar "vanzelf" in de zin van "zonder management" is riskant. Zonder gecontroleerde beweging, aangepaste voeding en begeleiding door een dierenarts bestaat het gevaar dat er minderwaardig, onelastisch littekenweefsel ontstaat dat bij de volgende belasting weer scheurt. Daarom geldt: liever een keer te veel de dierenarts inschakelen dan te weinig.
Hoe herken ik een tussenpeesblessure?
Typerend zijn een zwelling of verdikking aan de achterkant van het pijpbeen, warmte in het getroffen gebied, drukgevoeligheid en – afhankelijk van de ernst – een min of meer duidelijke kreupelheid, die vaak erger wordt op een zachte of diepe bodem. Sommige blessures ontwikkelen zich echter geleidelijk en tonen in het begin alleen aspecifieke tekenen zoals onregelmatigheden in de gang. Bij elke verdenking moet het been op korte termijn door een dierenarts worden onderzocht, idealiter met een echo – zelf diagnoses stellen en afwachten kost in geval van twijfel kostbare tijd.
Bronnen
Byron C.R. et al. — Effects of glucosamine and chondroitin sulfate on mediators of osteoarthritis in cultured equine chondrocytes (American Journal of Veterinary Research, Michigan State University, 2003) Link
Dobenecker B. et al. — Specific bioactive collagen peptides (PETAGILE®) as supplement for horses with osteoarthritis: A two-centred study (Journal of Animal Physiology and Animal Nutrition, 2018) Link
Praet S.F.E. et al. — Oral Supplementation of Specific Collagen Peptides Combined with Calf-Strengthening Exercises Enhances Function and Reduces Pain in Achilles Tendinopathy Patients (Nutrients, 2019) Link
Shaw G. et al. — Vitamin C-enriched gelatin supplementation before intermittent activity augments collagen synthesis (American Journal of Clinical Nutrition, 2017) Link
Marañón G. et al. — The effect of methyl sulphonyl methane supplementation on biomarkers of oxidative stress in sport horses following jumping exercise (Acta Veterinaria Scandinavica, 2008) Link
Bergin B.J. et al. — Oral hyaluronan gel reduces post operative tarsocrural effusion in the yearling Thoroughbred (Equine Veterinary Journal, 2006) Link
Veiligheid en kwaliteit waar je op kunt vertrouwen
Als je een product voert, moet je daar 100 % op kunnen vertrouwen. Daarom staan de nuvallo move Snacks voor de hoogste normen:
- ADMR-conform: Onze snacks zijn absoluut veilig voor wedstrijden en kunnen zonder wachttijd worden gevoerd – ook als jullie na de revalidatie weer de sport in gaan.
- Zonder onnodige toevoegingen: Gegarandeerd zonder tarwe, maïs, toegevoegde suikers of goedkope vulstoffen die de stofwisseling belasten.
- Hoogste kwaliteit: Met zorg geproduceerd in Europa onder strenge kwaliteitscontroles.
- Geen risico: We weten hoe kieskeurig paarden kunnen zijn. Daarom bieden we je een 30-dagen-tevredenheidsgarantie.